FAQ

Readervergoedingen

Over vergoedingen voor gebruik van papieren of digitaal onderwijsmateriaal
  • Wat zijn readervergoedingen?
    Antwoord:
    Readervergoedingen zijn de vergoedingen die door (onderwijs)instellingen worden betaald voor de overname van (gedeelten van) auteursrechtelijk beschermde werken in onderwijsmateriaal, zoals in readers of dictaten. Als uitgever ontvangt u mogelijk twee verschillende vergoedingen: één gebaseerd op de korte overnames middels een afkooprepartitie, en één gebaseerd op de niet-korte overnames die titelspecifiek worden uitgekeerd.  

    Onderscheid korte en niet-korte gedeelten
    Er wordt onderscheid gemaakt tussen een overname van korte gedeelten en van zogenoemde niet-korte gedeelten uit auteursrechtelijk beschermd materiaal.
     
    De overnames van korte gedeelten zijn door de instellingen in het hoger onderwijs afgekocht. Deze gelden worden dan ook wel afkoopgelden genoemd. De gelden kunnen door deze afkoopregeling uiteraard niet titelspecifiek worden uitgekeerd maar worden op basis van historische aandelen uitgekeerd.
     
    Voor de overnames van niet-korte gedeelten dient de instelling vooraf toestemming te vragen aan de rechthebbenden. Dit gebruik wordt apart afgerekend. Hierdoor zijn deze gelden wel titelspecifiek uit te keren.
     
     
    Sluit dit venster
  • Wie heeft er recht op de readervergoeding?
    Antwoord:
    De readervergoedingen komen toe aan uitgevers waarvan auteursrechtelijk beschermd materiaal is overgenomen in onderwijspublicaties (readers, digitale leeromgevingen e.d.). Dat kan blijken uit onderzoek van Stichting UvO of uit de titelspecifieke opgave van (onderwijs)instellingen.
    Sluit dit venster
  • Moet ik mijn uitgeverij aanmelden bij UvO?
    Antwoord:
    Dat hoeft niet, maar kan wel. Stichting UvO spoort doorgaans zelf de juiste rechthebbenden op om vergoedingen aan uit te keren. Dat doen wij op basis van gegevens die wij verkrijgen uit inzagen bij onderwijsinstellingen en losse toestemmingsaanvragen. Om een vergoeding te kunnen uitkeren dienen rechthebbenden wel mandaat te verlenen aan Stichting UvO. Praktisch alle uitgevers in Nederland hebben dit reeds gedaan.
     
     
    Heeft u nog nooit contact gehad met Stichting UvO, maar denkt u dat uw werken wel worden gebruikt in het onderwijs? Neem dan voor de zekerheid contact met ons op. 
    Sluit dit venster
  • Hoe en wanneer worden de gelden verdeeld door UvO?
    Antwoord:
    Verdeling van gelden
    In de verdeling van de gelden (ook wel repartitie genoemd) wordt onderscheid gemaakt tussen de afkoopgelden voor de korte overnames en de gelden afkomstig uit de facturatie van de langere gedeelten, de zogenoemde niet-korte overnames. De verdeling van de gelden wordt uitgevoerd conform een repartitiereglement.
     
    Verdeling van afkoopgelden korte gedeelten
    De gelden die betrekking hebben op de afkoopregeling voor de overname van korte gedeeltes worden verdeeld op basis van een aandeelverdeling. Deze aandeelverdeling wordt één keer per drie jaar vastgesteld door middel van een marktonderzoek door een onafhankelijk bureau.

    Deze gelden keren wij jaarlijks uit. De betreffende uitgevers ontvangen deze gelden automatisch.
     
    Verdeling van gelden met betrekking tot de niet-korte gedeelten
    De niet-korte overnames worden apart gefactureerd. Daarbij wordt door de instelling precies aangegeven welke titel van welke uitgever is overgenomen. Hierdoor kunnen deze gelden ook titelspecifiek worden uitgekeerd.

    De uitgevers ontvangen jaarlijks een controlespecificatie waarop alle werken zijn gepresenteerd waaruit is overgenomen door alle instellingen. De uitgever heeft hierdoor de mogelijkheid om eventuele mutaties door te voeren. Vervolgens ontvangen de uitgevers een repartitiespecificatie en het beschikbare geld.
     
    Percentage inhoudingen
    Ondanks de complexiteit van de regelingen, de arbeidsintensieve aspecten van de regelingen en de controleactiviteiten die worden uitgevoerd, kan Stichting UvO dit alles uitvoeren met een inhouding van 12,5% aan kosten. Deze kosten worden ingehouden op het bedrag dat wordt uitgekeerd aan uitgevers.

    Daarnaast is er een inhouding van 2,5% op de verdeling van de korte en niet-korte overnames ten behoeve van Opsporing & Handhaving. Het controleren van digitale readers en elektronische leeromgevingen is een arbeidsintensief proces, waar veel kosten mee gemoeid zijn. Alle betrokken partijen zijn echter van mening dat het belang van de controles onverminderd groot is.
     
    Gelden afkomstig van de mbo-regeling vormen een uitzondering
    Gelden die worden geïncasseerd bij mbo-instellingen worden verdeeld door Stichting Reprorecht. Het gedeelte voor uitgevers wordt vervolgens door Stichting PRO verdeeld onder uitgevers. Klik hier voor meer informatie over hoe de reprorechtgelden worden verdeeld.
    Sluit dit venster
  • Hoe hoog is mijn vergoeding?
    Antwoord:

    De verdeling van de readergelden, en daarmee de vergoeding voor uitgevers, baseren we op onderzoek. U vindt uw aandeel in de verdeling terug op uw digitale factuur in de webportal.

    Op basis van geschat gebruik en onderzoek
    Hogescholen en universiteiten kopen ‘overnames’ van content collectief af zonder dat zij het daadwerkelijke gebruik registreren. Daarmee is uw vergoeding grotendeels niet ‘titelspecifiek’, maar een redelijke vergoeding voor het gebruik van uw uitgegeven werk gebaseerd op onderzoek. Dit doen wij om de administratieve lasten zo laag mogelijk te houden.

    Op basis van steekproeven
    Elke drie jaar wordt het feitelijke, ‘titelspecifieke’ gebruik onderzocht bij onderwijsinstellingen. Dit wordt gedaan door een onafhankelijk onderzoeksbureau die steekproeven uitvoert. Vervolgens wordt het aandeel per uitgever vastgesteld en een verdeelsleutel berekend. De verhouding van de uitgeversaandelen is daarmee zo nauwkeurig mogelijk.

    Op basis van toestemmingsaanvragen
    Onderwijsinstellingen vragen voor middellange en niet-korte overnames toestemming aan via de UvO webportal. De desbetreffende uitgevers krijgen hier een vergoeding voor.

    Sluit dit venster
  • Moet ik als uitgever doorbetalen aan auteurs?
    Antwoord:
    Het auteursdeel van de gelden dient de uitgever te verdelen onder de auteurs. Uitgevers dienen zich bij de verdeling van het, met de auteurs contractueel overeengekomen, auteursdeel (doorgaans 50%) te baseren op uitkeringen die in het verleden op basis van brongegevens zijn gedaan.

    Uitgevers kunnen zelf ook een andere redelijke verdeling vaststellen, bijvoorbeeld door aansluiting te zoeken bij de verdeling van de gelden die uitgevers wellicht van Stichting Reprorecht ontvangen.

    Belangrijk hierbij is dat het alleen gaat om de aandelen van freelance auteurs. De vergoedingen voor medewerkers die in loondienst zijn bij de uitgever, hoeven niet te worden doorbetaald.
    Sluit dit venster

Begrippenlijst

  • Klik op een letter om een overzicht van begrippen te zien